
Kniemortier van Amerikaanse makelij. Een soortgelijke gebruikten de Indonesische infiltranten. In de tweede wereldoorlog gebruikten de Japanners hun eigen kniemortieren tegen de Amerikaanse mariniers in de jungle. Dit met desastreuze verliezen voor de Amerikanen.
Terug naar Sorong voor ravitaillering.
Na deze ontmoeting zijn wij met z'n allen zonder kleerscheuren naar Sorong teruggevaren om een beetje op verhaal te komen. In Sorong moesten we dan eerst olie laden ( dieselolie), drinkwater en voeding. Ook kwam er dan post van het thuisfront wanneer wij geluk hadden. Ook bestelde onderdelen voor het schip en de motoren liet wel eens te wensen over. Dat heette rampokken (stelen) onder elkaar van de LCPR's. Was niet leuk, maar doe er maar eens iets aan. Er werd veel gevraagd, maar bevoorrading vanuit Biak liet zwaar te wensen over. Je ontmoette je collega's LCPR's ook zelden, of op afstand, dus naar elkaar zwaaien was dan alles. In elk geval konden wij 's avonds en de andere dag ons hart op halen in de kantine van de Tangsi. Even een echte hap nasi goreng met in je gedachten een biertje, want die was op. Alleen nog Martini Bianco, waar je bek van dichtplakte maar het was alcohol, niet verslavend maar met je conditie de andere ochtend, een goed punthoofd. Dan de andere ochtend uitslapen in een snikheet verblijf, en daarna even luchten op het strand.

Haven te Sorong met KPM vracht/passagiersboot.
Hoe wij met z'n drieën er aan kwamen weet ik niet meer. Wat ik wèl weet dat het een werknemer ( burger ) van de NNGPM was die ons uitnodigde om bij hem thuis een biertje te komen drinken. Dat was niet tegen dovemansoren gezegd. Enfin wij mee, héél gezellig met moppen en andere verhalen. Na diverse biertjes en borrels moest de persoon die ons had uitgenodigd even weg, wisten wij veel waarheen? Zijn woorden ten afscheid waren: "Luitjes als je honger hebt, daar is de koelkast". Toen hij terugkwam, en wij allang en breed weg waren zaten er van de zes kippen nog maar drie in het hok. De haan was er ook nog bij. Wel hadden wij de boel netjes opgeruimd. Ondertussen was er een nieuwe commandant aan boord gekomen met een kwartiermeester, een matroos en een telegrafist. De commandant was de Ltz.2 B.Heppener, kwartiermeester heette Kramer, de matroos Heykoop en de telegrafist - een marinier - Van Leest. Allen kersvers uit Holland.
lees verder op pagina 6